Partij voor Zeeland

Homepage PvZ

Partij voor Zeeland Homepage

Gelabeled met: Voorpagina

Laat items zien met label Voorpagina. Alles bekijken

Artikel 44 vragen Partij voor Zeeland over de Reparatie Westerscheldetunnel Populair

markers/question.png Door In 2026 122 weergaves

Downloaden (pdf, 116 KB)

2026-06-09 - Statenfractie PvZ - Reparatie Westerscheldetunnel - 829595.pdf

College van Gedeputeerde Staten
Provinciehuis
Abdij 6
4331 BK MIDDELBURG

Renesse, d.d. 09-06-2026

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het
Statenlid H.G.A. (Bertie) Steur, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), m.b.t. ‘Reparatie
Westerscheldetunnel’ (+bijlage).

Toelichting
Na afloop van het gesprek dat d.d. 13 mei jl. heeft plaatsgevonden tussen deskundigen
en de Tunneldirectie, en na tussentijds ook nog te zijn benaderd door iemand die bij de
aanleg van de WST heeft meegewerkt resteren er voor de Statenfractie van de PARTIJ
VOOR ZEELAND (PVZ) toch nog enige vragen.

Vragen

  1. Tijdens het gesprek vernam ik dat men uitgaat van een planning van 20 weken. Dit is
    meer dan de 4 maanden die door uw college wordt gecommuniceerd.
    Kan uw college bevestigen dat de stremming van de Westerscheldetunnel geen 17
    maar 20 weken betreft?

  2. Tijdens de bijeenkomst kwam ook naar voren dat er een reeds “beproefde
    reparatiemethode” zal worden toegepast, maar die reparatiemethode is tot op heden
    slechts één keer eerder toegepast, drie jaar geleden, bij de Corbulotunnel. Aangaande
    de garantiedekking in het verleden is gebleken, dat er na het uiteenvallen van het
    consortium dat onze Westerscheldetunnel tunnel heeft gebouwd, niks meer te verhalen
    viel. Nu er bij de reparatie van de tunnel weer gewerkt gaat worden met een
    consortium, willen wij van uw college vernemen of de garantievoorwaarden deze keer
    wel afdoende en langdurig gewaarborgd zijn?

  3. Worden er maatregelen genomen om de oorzaken van de schade voor zover dat
    mogelijk is weg te nemen en op die manier te voorkomen dat er in de toekomst nog
    meer schade ontstaat? Zie bijlage ter verduidelijking met betrekking tot een van de
    oorzaken en een doelmatige verbeteringsmaatregel.

  4. Uit mailverkeer na het gesprek op 13 mei heb ik begrepen dat de heer ……. van
    meerdere bronnen heeft vernomen dat er bij de bouw van de tunnel elementen zijn
    gebruikt met gebreken en er ook elementen dunner geslepen zijn. Is het college
    daarvan op de hoogte?
    Zo ja, is duidelijk waar deze elementen zitten en welke risico´s deze elementen met
    zich meebrengen?
    Zo nee, is uw college voornemens er bij WST NV op aan te dringen om hier naar te
    laten kijken ten einde wellicht preventieve maatregelen te kunnen nemen zodat de 
    kans dat de WST in de toekomst nogmaals afgesloten moet worden zo klein mogelijk wordt?

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

H.G.A. (Bertie) Steur, Statenlid

Bijlage: Reparatie Westerscheldetunnel 

Vragen Partij voor Zeeland over Behoud Goede Bereikbare Zorg Populair

markers/question.png Door In 2026 244 weergaves

Downloaden (pdf, 118 KB)

Artikel 44 vragen Behoud Goede Bereikbare Zorg.pdf

College van Gedeputeerde Staten
Provinciehuis
Abdij 6
4331 BK MIDDELBURG

Oostburg, d.d. 30-03-2026

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), m.b.t. ‘Behoud Goede Bereikbare Zorg’ (+ bijlagen).

Toelichting

In heel Zeeland zijn onze inwoners en passanten afhankelijk van goede en bereikbare zorg! Dat is met name essentieel voor de veiligheid en het vestigingsklimaat.

Voor specialistische zorg wordt er tot op heden grensoverschrijdend samengewerkt met België.

Vanwege keuzevrijheid basiszorg, kunnen Nederlandse patiënten zelf ook kiezen voor een behandeling in België; maar dat betekent “weglek” voor de Zeeuwse ziekenhuizen.

Nu bereiken ons geluiden dat zorgverzekeraars aan het overwegen zijn om mogelijk de “grenzen te sluiten” voor Nederlandse patiënten die in België behandeld willen worden (zie bijlagen).

Aanrijtijden voor behandelingen en in geval van nood zijn een belangrijk kernpunt in deze!

Vragen

  1. Is uw college bekend met genoemde ontwikkelingen?
  2. ZorgSaam werkt tot op heden samen met een aantal Belgische ziekenhuizen o.a. UZ Gent en AZ Maria Middelares in Gent; deze samenwerking zorgt ervoor dat inwoners van Zeeuws-Vlaanderen en passanten toegang hebben tot hoogwaardige, gespecialiseerde en met name bereikbare zorg. Wanneer is er een koerswijziging ingezet om ZorgSaam samen te laten werken met ADRZ in Goes en kan uw college achterhalen wie daarvoor verantwoordelijk is of zijn?
  3. Ziet uw college net als wij voordelen in een verdere uitbreiding van de samenwerking tussen ZorgSaam en Belgische ziekenhuizen; bijvoorbeeld een samenwerking met AZ Zeno Knokke-Heist die reeds in het bezit zijn van een operatierobot, waardoor ZorgSaam een directe besparing zou kunnen realiseren door niet samen met het ADRZ Goes te investeren in de aanschaf van zo’n robot? N.B. Uiteraard dient er dan wel een pleidooi gestart te worden om grensoverschrijdende complexe- of hoog risico-operaties die (op afstand) in België uitgevoerd worden, in Nederland mee te laten tellen voor het behoud van de bevoegdheden van Nederlandse ziekenhuizen om bepaalde operaties te mogen blijven uitvoeren (volumenormen/minimale kwaliteitsvolumenormen).
  4. Eerder verstrekte informatie door ZorgSaam geeft aan dat het ZorgSaam Ziekenhuis Antonius in Oostburg in 2030 gesloopt zal worden en wat daar voor in de plaats komt (in ieder geval geen volwaardig ziekenhuis) moet nog ”uitkristalliseren” en wij vragen ons tevens af of de continuïteit van ZorgSaam Ziekenhuis De Honte in Terneuzen, gezien de actuele ontwikkelingen, nog wel gewaarborgd is; kan uw college hierin helderheid verschaffen?
  5. Is uw college met ons van mening dat het in het ‘algemeen belang’ is dat grensoverschrijdende zorg beschikbaar blijft voor onze inwoners en passanten, omdat dat essentieel is voor de veiligheid en ons vestigingsklimaat?
  6. (a) Is uw college het met ons eens dat met name in een vergrijzende regio als Zeeuws-Vlaanderen keuzevrijheid in de zorg geen luxe is, maar een bittere noodzaak, om de bereikbaarheid en aanvaardbare aanrijtijden te kunnen waarborgen? (N.B. de Westerscheldetunnel zal binnenkort gedurende vier maanden ook nog een moeilijk te nemen horde worden.)

(b) Vindt uw college het net als wij belangrijk dat patiënten, nu en in de toekomst kunnen blijven kiezen voor een behandeling in België, omdat er in België geen sprake is van wachtlijsten en patiënten zo een mogelijk bijkomend risico van uitstel van een behandeling kunnen vermijden?

(c) Deelt uw college onze mening dat zorgverzekeraars die keuzevrijheid daarom niet onmogelijk moeten maken of inperken?

  1. Is uw college bereid om samen met de Zeeuwse gemeenten het gesprek aan te gaan met alle verantwoordelijken (o.a. Ministeries, Europees Parlement, zorgverzekeraars), teneinde te voorkomen dat er onverhoopt slachtoffers gaan vallen door een mogelijke inperking van de keuzevrijheid door zorgverzekeraars?
  2. Vindt uw college het net als de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) tevens zinvol om te pleiten voor het mee laten tellen van financiële uitgaven door Nederlandse zorgverzekeraars voor ingrepen in het buitenland, waaronder België, zodat zorgverzekeraars daarvoor door de Nederlandse overheid gecompenseerd kunnen worden (risicoverevening Zorgverzekeringsfonds)?

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter

Bijlages:

Bijlage 1 Ontmoedigingsbeleid jan 2026 krantje ZorgSaam

Bijlage 2 Artikel ZorgSaam krantje 17 01 2026

Artikel 44 vragen Partij voor Zeeland over de aanschaf van elektrische bussen. Populair

markers/question.png Door In 2026 403 weergaves

Downloaden (pdf, 119 KB)

vragen over de aanschaf van elektrische bussen.pdf

College van Gedeputeerde Staten
Provinciehuis
Abdij 6
4331 BK MIDDELBURG

Oostburg, d.d. 20-03-2026

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), m.b.t. de aanschaf van elektrische bussen (+ bijlage).

Toelichting

  • Een ter zake kundige inspreker klaagde tijdens de commissie economie van 27-02-2026 zijn nood aangaande de inzet van elektrische bussen. Kernpunten van zijn betoog waren de tegenvallende actieradius van de bussen (maximaal 150 km.), de storingsgevoeligheid en het feit dat daardoor buschauffeurs zouden opstappen.
  • De Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) heeft uw college van Gedeputeerde Staten van Zeeland diverse malen tijdens commissievergaderingen gewaarschuwd voor de risico’s van de inzet van elektrische bussen voor Openbaar Vervoer. Tevens hebben wij de portefeuillehouder, gedeputeerde van der Maas, vele praktijkvoorbeelden van debacles op dat gebied doen toekomen. Kortom, onze fractie constateerde dat ‘elektrische bussen vaker staken dan hun chauffeurs’.
  • Leveringsproblemen. Op 4 maart vernamen wij uit de PZC dat gedeputeerde van der Maas samen met twee ambtenaren van de provincie de bouw van nieuwe elektrische bussen voor Zeeland gaat inspecteren in China, met als doel, er op toe te zien dat de bussen tijdig geleverd zullen worden.

Vragen

  • In het als bijlage toegevoegde krantenartikel lezen wij dat, ‘op aandringen van de provincie het vervoer voortaan met elektrische bussen wordt gedaan’; kan uw college met redenen omkleed uitleggen waarom uw college, ondanks alle waarschuwingen en voorbeelden van mislukte inzet van elektrische bussen in zowel binnen- als buitenland, toch expliciet gekozen heeft voor de inzet van elektrische bussen?
  • Waarom heeft uw college er geen rekening mee gehouden dat het gezien de “ontwikkelingen in de wereld” (o.a. conflict met BRICS-landen en kwestie Taiwan) het wellicht niet verstandig is om afhankelijk te zijn van China voor onderdelen en service?
  • Was het wellicht niet goedkoper en efficiënter geweest, dat uw college, alvorens een besluit te nemen om al dan niet elektrische bussen in te gaan zetten, om een bezoek te brengen aan provincies en steden in Nederland waar men reeds uitgebreid ervaring heeft opgedaan met de inzet van elektrische bussen voor Openbaar Vervoer?
  • Kan uw college aangeven, met het oog op de problemen die zich elders hebben voorgedaan met de inzet van elektrische bussen, of er nog wat dieselbussen als back-up worden aangehouden, en zo nee, waarom niet?
  • Wij herinneren ons dat uw college, voorafgaand aan uw keuze, netcongestie als een probleem benoemde; is dat nu niet langer aan de orde?
  • Graag vernemen wij van uw college of er in voldoende laadinfrastructuur is voorzien, zodat daar geen ‘bottleneck’ kan ontstaan?
  • Tot slot willen wij klip en klaar van uw college vernemen of de actieradius van de aan te schaffen elektrische bussen voldoende is, omdat dat met name in de winter een probleem kan vormen?

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter

Bijlage: 

Provincie neemt kijkje bij bouw elektrische bussen in China

Artikel 4 Grondwet en de dubbele petten Populair

marker Door In 2026 296 weergaves

Downloaden (pdf, 66 KB)

Artikel 4 Grondwet en de dubbele petten.pdf

Artikel 4 Grondwet en de dubbele petten.

Artikel 4 van de Grondwet bepaalt dat iedere Nederlander het recht heeft om gekozen te worden en zitting te nemen in vertegenwoordigende organen. In dat artikel staat uitdrukkelijk dat beperkingen en uitzonderingen op het actieve en passieve kiesrecht uitsluitend bij de wet kunnen worden gesteld. Daarmee wordt een wet in formele zin bedoeld, vastgesteld door regering en Staten-Generaal gezamenlijk. De Grondwet hanteert het begrip “wet” niet uniform: waar zij spreekt van “bij of krachtens de wet” is delegatie (vanuit een wet in formele zin) aan lagere regelgeving mogelijk, maar waar - zoals in artikel 4 - uitsluitend wordt gesproken van “bij de wet”, is die mogelijkheid uitgesloten. Dat betekent dat noch de regering via een algemene maatregel van bestuur of een koninklijk besluit, noch provincies, gemeenten of waterschappen via verordeningen, gedragscodes of integriteitsnormen aanvullende (bindende) beperkingen mogen stellen aan het actieve of passieve kiesrecht.

Een verbod op het gelijktijdig bekleden van twee gekozen functies, zoals raadslid en provinciaal statenlid, vormt een beperking van het passief kiesrecht. Zo’n verbod verhindert immers dat iemand een door verkiezing verkregen ambt kan aanvaarden of behouden. Omdat artikel 4 van de Grondwet uitsluitend beperkingen bij de wet toestaat, is het niet toegestaan om een dergelijk verbod op te leggen via lagere regelgeving, zoals een algemene maatregel van bestuur, een ministeriële regeling, of een verordening van provincie, waterschap of gemeente. Dergelijke regelgeving ontbeert de vereiste grondwettelijke basis en mist daarom rechtsgeldigheid.

Artikel 44 vragen Partij voor Zeeland over Tractaat 1839 Populair

markers/question.png Door In 2026 202 weergaves

Downloaden (pdf, 109 KB)

Art 44 vragen PVZ Hongersnood in Zeeland (1).pdf

College van Gedeputeerde Staten
Provinciehuis
Abdij 6
4331 BK MIDDELBURG

Oostburg, d.d. 18-02-2026

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van de Statenleden François Babijn en Bertie Steur, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), m.b.t. Tractaat 1839 (+ bijlage).

Toelichting

In het Tractaat van 1839 tussen Nederland en België (Scheidingsverdrag) is vastgelegd dat België een jaarlijkse betalingsverplichting heeft aan Nederland voor de som van Hfl. 5.000.000,-- (art. 13 Tractaat).

N.B. Deze jaarlijkse betalingsverplichting moet niet worden verward met het op 12 mei 1863 te ’s Gravenhage ondertekende Tractaat betreffende de afkoop van de Scheldetol, aangezien het geen tol betreft maar een verschuldigde rente volgend uit de verdeling van schulden bij de splitsing tussen Nederland en België.

Vragen

  1. De Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) wil, vanuit onze controlerende taak, van uw college vernemen of België deze jaarlijkse betalingsverplichting tot op heden steeds is nagekomen en zo nee waarom niet?
  2. Vooruitlopend op uw mogelijk antwoord op vraag één; stel dat zou blijken dat België inderdaad op dat punt ingebreke is of is gebleven, is Nederland dan niet langer gehouden/gebonden aan dat Tractaat?

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter
H.G.A.(Bertie) Steur, Statenlid

Bijlage:
Tractaat tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de scheiding der wederzijdse grondgebieden, Londen, 19-04-1839

Nieuwsbrief

Actueel

Partij voor Zeeland

Top