Door Redactie PvZ
In 2026
339 weergaves
Artikel 4 Grondwet en de dubbele petten.pdf
Artikel 4 van de Grondwet bepaalt dat iedere Nederlander het recht heeft om gekozen te worden en zitting te nemen in vertegenwoordigende organen. In dat artikel staat uitdrukkelijk dat beperkingen en uitzonderingen op het actieve en passieve kiesrecht uitsluitend bij de wet kunnen worden gesteld. Daarmee wordt een wet in formele zin bedoeld, vastgesteld door regering en Staten-Generaal gezamenlijk. De Grondwet hanteert het begrip “wet” niet uniform: waar zij spreekt van “bij of krachtens de wet” is delegatie (vanuit een wet in formele zin) aan lagere regelgeving mogelijk, maar waar - zoals in artikel 4 - uitsluitend wordt gesproken van “bij de wet”, is die mogelijkheid uitgesloten. Dat betekent dat noch de regering via een algemene maatregel van bestuur of een koninklijk besluit, noch provincies, gemeenten of waterschappen via verordeningen, gedragscodes of integriteitsnormen aanvullende (bindende) beperkingen mogen stellen aan het actieve of passieve kiesrecht.
Een verbod op het gelijktijdig bekleden van twee gekozen functies, zoals raadslid en provinciaal statenlid, vormt een beperking van het passief kiesrecht. Zo’n verbod verhindert immers dat iemand een door verkiezing verkregen ambt kan aanvaarden of behouden. Omdat artikel 4 van de Grondwet uitsluitend beperkingen bij de wet toestaat, is het niet toegestaan om een dergelijk verbod op te leggen via lagere regelgeving, zoals een algemene maatregel van bestuur, een ministeriële regeling, of een verordening van provincie, waterschap of gemeente. Dergelijke regelgeving ontbeert de vereiste grondwettelijke basis en mist daarom rechtsgeldigheid.
Door Redactie PvZ
In Nieuws
155 weergaves
Persbericht Zeeuwse norm weerbare overheid:
Door Redactie PvZ
In Nieuws
383 weergaves
omroepzeeland2702.mp4
Interview met Omroep Zeeland
Door Redactie PvZ
In 2026
237 weergaves
Art 44 vragen PVZ Hongersnood in Zeeland (1).pdf
College van Gedeputeerde Staten
Provinciehuis
Abdij 6
4331 BK MIDDELBURG
Oostburg, d.d. 18-02-2026
Geacht College,
Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van de Statenleden François Babijn en Bertie Steur, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), m.b.t. Tractaat 1839 (+ bijlage).
Toelichting
In het Tractaat van 1839 tussen Nederland en België (Scheidingsverdrag) is vastgelegd dat België een jaarlijkse betalingsverplichting heeft aan Nederland voor de som van Hfl. 5.000.000,-- (art. 13 Tractaat).
N.B. Deze jaarlijkse betalingsverplichting moet niet worden verward met het op 12 mei 1863 te ’s Gravenhage ondertekende Tractaat betreffende de afkoop van de Scheldetol, aangezien het geen tol betreft maar een verschuldigde rente volgend uit de verdeling van schulden bij de splitsing tussen Nederland en België.
Vragen
In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,
Hoogachtend,
Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),
François Babijn, Fractievoorzitter
H.G.A.(Bertie) Steur, Statenlid