pvz header1

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis
Abdij 6
4331 BK MIDDELBURG

 

Oostburg, 12 juli 2021,

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), m.b.t. artikel PZC: ,,Zeeuws-Vlaamse schooldirecteuren bezorgd over bibliotheekaanbod voor leerlingen” d.d. 9 juli jl..

Toelichting

Zie artikel PZC in bijlage.

 

Vragen

  1. Is uw college bekend met de in het betreffende artikel genoemde problematiek?

  2. Vindt uw college het net als de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), onbegrijpelijk dat een instantie als ZB planbureau en Bibliotheek van Zeeland een relatie legt tussen de kwantiteit/kwaliteit van het aanbod van boeken en de kwantiteit van het aantal leerlingen? Zo nee, waarom niet?

  3. Baart het uw college, net als ons, ook zorgen dat genoemde instantie, zonder overleg met betrokkenen, ingrijpende wijzigingen wil doorvoeren m.b.t. het bibliotheekaanbod voor leerlingen?

  4. Zo ja, is uw college dan bereid om een coördinerende rol op te pakken ter voorkoming van een verdere verschraling van het literatuuraanbod voor leerlingen? Zo nee, waarom niet?

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

 

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter

BIJLAGE: P.Z.C.

pdf Zeeuws-Vlaamse schooldirecteuren bezorgd over bibliotheekaanbod voor leerlingen (17 KB)

 

Antwoorden:

default Antwoorden vragen over de bezorgdheid van Zeeuws-Vlaamse schooldirecteuren over het bibliotheekaanbod voor leerlingen 12 juli 2021 (33 KB)

Gepubliceerd in Nieuws

Tekst van de Motie om de ontpoldering van de Hedwigepolder per omgaande stil te leggen die ingediend zal worden tijdens de statenvergadering op 23 juli a.s.


MOTIE ‘Stop Ontpoldering Hertogin Hedwigepolder”

 

Provinciale Staten van Zeeland, bijeen op vrijdag 23 juli 2021,

Constaterende dat:

  • Het voor een zeer ruime meerderheid van onze Zeeuwse bevolking, inclusief ondergetekenden, onbegrijpelijke besluit om deze vruchtbare door de mens op de zee veroverde Hertogin Hedwigepolder te ontpolderen en daarmee tegen alle logica en gezond boerenverstand in te vernietigen, helaas is genomen;

  • Nieuwe feiten: de vervuiling van de Westerschelde met PFAS/PFOS, een factor is waar in het belang van de volksgezondheid terdege rekening mee gehouden dient te worden;

 

Overwegende dat:

  • Met betrekking tot het risico voor de volksgezondheid, de vervuiling van de Westerschelde met PFAS/PFOS, als een uiterst urgent probleem mag worden aangemerkt;

  • Ter voorkoming van vervuiling van de Hertogin Hedwigepolder, de voorgenomen ontpoldering per omgaande moet worden stilgelegd;

 

Draagt het college op:

Gezien de urgentie, binnen de kortst mogelijke termijn alles in het werk te stellen om in het belang van de volksgezondheid voor Zeeland, er bij de regering op aan te dringen de ontpoldering van de Hedwigepolder per direct stop te zetten.

 

En gaat over tot de orde van de dag,

 

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ)

 

François Babijn  | H.G.A. Steur | E.A.A. van Hoecke

 

Gepubliceerd in Nieuws

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDDELBURG

Oostburg, 7 juli 2021,

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), aangaande ‘Project Waterdunen’.

 

Toelichting

Op de website ‘waterdunen.com’ lezen wij:

,,Omgevingsvergunning Molecaten Park Waterdunen verleend

23 juni 2021

Deze week kan weer een mijlpaal aan het project worden toegevoegd: de gemeente Sluis heeft de omgevingsvergunning voor het Molencaten Park Waterdunen verleend. Nu komt voor Molecaten de start van de bouw van het recreatieve gedeelte een stap dichterbij. Molecaten hoopt in 2022 aan de realisatie van hun park te beginnen. De bouwtijd van het recreatiegedeelte- dat bestaat uit een centrumgebouw, zo’n 220 campingplaatsen en de eerste fase van circa 75 huizen- is ruim een jaar.”

Vragen

  1. (a) Kan uw college bevestigen, dat in tegenstelling tot deze “uiterst positieve berichtgeving” (2022), Molecaten alle bouwactiviteiten met minimaal een jaar heeft opgeschort (2023)?

    (b) Indien uw college dat kan bevestigen, willen wij graag van u vernemen waarom Molecaten de bouwactiviteiten voor de zoveelste keer opschort en of uw college er nog steeds van overtuigd is en blijft dat dit uitstel op termijn geen afstel zal blijken te zijn?

  2. Wanneer mogen wij een antwoord op onze vraag aangaande inkomstenderving van uw college verwachten; “project Waterdunen’ had immers in 2015 al ‘turn key’ opgeleverd moeten zijn? Samengevat willen wij van uw college vernemen welk bedrag aan inkomsten de Zeeuwse samenleving van 2015 tot op heden al is misgelopen?
  3. (a) Kan uw college aangeven of, en zo ja, welke gevolgen de vervuiling van de Westerschelde met PFAS/PFOS heeft voor het ‘Project Waterdunen’? (De Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) denkt met name aan de mogelijke gevolgen voor de ‘zilte teelten’ en de mogelijk fors hogere kosten m.b.t. de verwerking van het baggerslib.)

    (b) Bestaat er naar de mening van uw college hierdoor een verhoogd risico dat andere “projectpartners” de ‘baggerkosten’ nu zeker niet willen delen met de provincie Zeeland en deze lasten tot in lengte van jaren op de Provinciale begroting zullen blijven drukken?

    (c) Mochten er naar de mening van uw college geen gevolgen zijn voor het ‘Project Waterdunen’ door de vervuiling van de Westerschelde met PFAS/PFOS, dan verwachten wij van u een uitgebreide motivatie waarom niet.

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter

 

Antwoorden:

default Antwoorden op vragen Waterdunen 8 juli (257 KB)

Gepubliceerd in Nieuws

De Partij voor Zeeland wil duidelijkheid over een rapport over Waterdunen, dat in december is verschenen. Politieke partijen worden volgende week vrijdag, 12 maart, bijgepraat over dit rapport, dat zou gaan over problemen met de waterdoorlaat in de dijk bij Breskens.

Door deze waterdoorlaat stroomt zeewater vanaf de Westerschelde met eb en vloed het gebied in en uit. Dat moet zorgen voor unieke getijdennatuur, waardoor het grote gebied achter de dijken bij Breskens meetelt als natuurcompensatie voor de verdiepingen van de Westerschelde.

'Effect van een champagnekurk'

Er zijn al langer vragen over de veiligheid van de waterdoorlaat. De waterdoorlaat is niet met heipalen in de grond verankerd, omdat gekozen is voor een innovatief en goedkoper concept van de bouwer Ballast Nedam. "Daardoor kun je het effect krijgen van een een champagnekurk", vreest fractievoorzitter François Babijn van de Partij voor Zeeland (PvZ).

Lees het hele verhaal op Omroep Zeeland:

https://www.omroepzeeland.nl/nieuws/126032/Partij-voor-Zeeland-wil-duidelijkheid-over-rapport-Waterdunen 

Lees het rapport hier:

default Waterdunen veilig en functioneel dec 2020 (6.00 MB)  

De conclusie over de veiligheid vindt u op pagina 53.

Gepubliceerd in Nieuws

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDDELBURG

 

Oostburg, 3 maart 2021,

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid Eelco van Hoecke, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), over de opkoopregeling van boerenbedrijven in Zeeland in de buurt natuurgebieden.

 

Toelichting

Op 27 januari stond in een artikel van PZC dat de opkoopregeling was opengesteld voor boeren in buurt van natuurgebieden die veel stikstof uitstoten. Tot verbijstering van de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) stond in dit artikel te lezen dat de Rijksoverheid in de eerste tranche 100 miljoen van in totaal 350 miljoen beschikbaar stelde voor het opkopen van boerenbedrijven die veel stikstof uitstoten in buurt van natuurgebieden, maar dat die vrijgekomen stikstofruimte niet persé ten goede komt aan bouwprojecten in de provincie Zeeland zelf. De vrijgekomen ruimte kan ook buiten de provincie worden ingezet.

 

Vragen

  1. Is uw college het met de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) eens dat het onwenselijk is dat vrijgekomen “stikstofruimte” terechtkomt bij bouwprojecten buiten de provincie? Zo nee, waarom niet?

  2. Heeft uw college reeds geprotesteerd tegen het gebruiken van vrijgekomen Zeeuwse stikstofruimte voor bouwprojecten buiten de provincie? Zo nee, waarom niet?

  3. Is uw college bereid om alsnog te protesteren/bezwaar in te dienen bij de Rijksoverheid tegen de inzet van vrijgekomen Zeeuwse stikstofruimte voor bouwprojecten buiten de provincie? Zo nee, waarom niet?

  4. Ziet uw college, buiten protesteren bij de Rijksoverheid, andere mogelijkheden om te voorkomen dat Zeeuwse vrijgekomen stikstofruimte buiten de provincie gebruikt wordt voor bouwprojecten?

  5. Is uw college het met ons eens dat het onwenselijk is dat de Provincie Zeeland niet kan profiteren van de vrijgekomen Zeeuwse stikstofrechten waardoor bijvoorbeeld Zeeuwse bouwprojecten weer mogelijk zouden worden?

  6. Tot slot: blijft de status van de aankoopregeling ook in de toekomst vrijwillig? Of kunnen boeren in de toekomst verplicht worden om zich uit te laten kopen?

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

Eelco van Hoecke, Statenlid

Gepubliceerd in Nieuws

College van Gedeputeerde Staten
Provinciehuis
Abdij 6
4331 BK MIDDELBURG

Oostburg, 28 januari 2021,

 

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), aangaande: ,,Sleper beschermt windmolens op zee tegen schepen.” (PZC d.d. 13-01-2021).

 

Toelichting

In het betreffende artikel lezen wij: ,,Een speciale sleper moet de windmolens voor de Zeeuwse kust beschermen tegen aanvaringen. Het vaartuig ligt sinds kort permanent op een strategische positie vlakbij windpark Borssele, dat sinds vorig jaar in gebruik is.

De inzet van de Alp Ace bij het windpark is een tijdelijke oplossing. Het verwervingsproces voor het permanente vaartuig die de taken de komende tien jaar zal vervullen, loopt nog.”

Dat roept bij de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) een aantal vragen op.

 

Vragen

  1. De Alp Ace fungeert sinds 1 januari als ‘noodhulpsleper’ staat in het artikel. Graag vernemen wij van uw college of de veiligheid voor 1 januari jl. dan wel afdoende was gewaarborgd? Zo nee, willen wij weten wie daarvoor verantwoordelijk was/waren en wie er dan aan de bel getrokken heeft?

  2. Kan uw college helderheid verschaffen of het windpark Borssele ook blinde vlekken op de radar van schepen kan veroorzaken, wat tot bijkomende veiligheidsproblematiek kan leiden?

  3. Kan uw college inzicht verschaffen in de kosten die gemoeid gaan met de genoemde inzet van die tijdelijke ‘noodhulpsleper’ (24 uur per dag) en welk bedrag aan investering er wordt uitgetrokken voor het toekomstige permanente vaartuig met bemanning dat de taken de komende tien jaar zal vervullen en hoe hoog de vervolgkosten na die tien jaar worden geraamd?

  4. De sleper wordt ook ingezet voor andere taken van de Kustwacht, zoals zoek- en reddingsacties lezen wij. Kan uw college aangeven hoe de veiligheid, in afwezigheid van de sleper ten tijde van een andere inzet, gewaarborgd wordt; m.a.w. is er in een back-up voorzien?

  5. In het betreffende artikel lezen wij verder, dat op dat deel van de Noordzee veel scheepvaartverkeer is, vooral vanwege de nabijgelegen havens van Antwerpen, Rotterdam en Vlissingen. Is uw college met de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) van mening, dat het windpark (Borssele) dan eigenlijk op een onverantwoorde locatie is gebouwd? Zo nee, waarom niet?

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter

Gepubliceerd in Nieuws

College van Gedeputeerde Staten 
Provinciehuis
Abdij 6
4331 BK MIDDELBURG

Oostburg, 27 januari 2021,

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), aangaande ‘Project Waterdunen’.

 

Toelichting

Provinciale Staten is het hoogste bestuursorgaan binnen de provincie Zeeland. Statenleden hebben o.a. een controlerende taak te vervullen. Om die taak adequaat te kunnen vervullen dienen Statenleden, naar de mening van de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), per omgaande te kunnen beschikken over alle relevante informatie.

Daarom vinden wij het onacceptabel, dat uw college het eind vorig jaar uitgebrachte rapport van Royal Haskoning aangaande de waterveiligheid van Waterdunen, niet met Provinciale Staten wenst te delen; zelfs niet vertrouwelijk!

Daarenboven roept de beantwoording door uw college per 19 januari 2021 jl. van onze vragen van 21 december 2020 wederom vragen op. Met telkens weer als belangrijkste kernvraag, of de veiligheid in en om Waterdunen momenteel gewaarborgd is!

 

Vragen

  1. (a) De Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) wil klip en klaar van uw college vernemen of de veiligheid in en om Waterdunen momenteel gewaarborgd is en aan de wettelijke eisen voldoet?

    (b) Zo ja, voor hoeveel jaar onze veiligheid dan gewaarborgd is?

    (c) Zo nee, waarom onze veiligheid niet gewaarborgd is en wat u dan per omgaande gaat ondernemen om de veiligheid wel te kunnen waarborgen, wat dan de totale kostenraming is en tot slot wie er dan verantwoordelijk is/zijn als het nu als gevolg van een (super)storm onverhoopt mis zou gaan?

  2. Is uw college inmiddels bereid om het rapport van Royal Haskoning met Provinciale Staten te delen? Zo nee, dan willen wij een uitgebreide motivatie van uw college ontvangen, waarom niet? Begrijpt uw college dat de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) zich in deze ernstig belemmerd voelt in haar functioneren?

  3. Betreffende de 200 jaar voorspiegelde veiligheid van de primaire waterkering ter hoogte van Waterdunen, wil onze Statenfractie naar aanleiding van uw beantwoording van onze vorige vragen een aantal rekensommen aan u voorleggen, waarvan wij van uw college de uitkomst willen ontvangen.
    Eerste rekensom: 200 jaar veiligheid minus zeespiegelrijzing = …?... jaar veiligheid.
    Tweede rekensom: 200 jaar veiligheid minus zeespiegelrijzing minus inlaatduiker die als zwakste schakel slechts tot circa 2073 veiligheid kan waarborgen mits die wordt aangepast/gerepareerd = …?... jaar veiligheid.

  4. De beantwoording door uw college van onze vraag aangaande de garantietermijn van de regionale waterkering (binnendijk) ter hoogte van Waterdunen is naar onze mening erg algemeen. Daarom zullen wij deze vraag herformuleren. Diverse excursies ter plaatse roepen bij onze Statenfractie de vraag op of er ter hoogte van Waterdunen überhaupt wel sprake is van een SLUITENDE regionale waterkering waar geen huizen of vakantieparken binnen vallen. Daarom vragen wij uw college om een bevestiging dat ter plaatse een sluitende regionale waterkering borg staat voor de veiligheid, indien de primaire waterkering (zeedijk met inlaatduiker) het onverhoopt zou begeven en willen wij van uw college exact weten hoe die loopt en voor hoeveel jaar veiligheid die regionale waterkering (binnendijk) ter hoogte van Waterdunen borg staat?

  5. Verder lezen wij in uw beantwoording dat Stichting het Zeeuwse Landschap een uitgebreider onthaalgebouw en speelnatuur gaan ontwikkelen. Wij concluderen dat Molecaten dus niet meer gaat investeren in een onthaalgebouw en speelnatuur. Daarom willen wij van uw college weten welk bedrag Molecaten tot op heden geïnvesteerd heeft in het ‘project Waterdunen’ en welk bedrag zij nog gaan investeren in het project, los van de “toekomstige investering” in hun ‘eigen onderdelen’ zoals een duincamping en huisjes?

  6. Vanwege het feit dat het project Waterdunen volgens planning in 2015 turn-key opgeleverd had moeten zijn en het nu 2021 is (zonder zicht op afronding), wil de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) van uw college het totaalbedrag aan inkomstenderving tot op heden vernemen.

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter

 

Gepubliceerd in Nieuws

Wisselpolders en oppolderen zijn gewoon termen die synoniem staan voor ‘ONTPOLDEREN’; niet meer en niet minder!

Ontpolderen in welke vorm dan ook is kapitaalvernietiging, draagt niet bij aan de kustveiligheid en kan alleen tot stand gebracht worden d.m.v. onteigening.

Ontpolderen van Zeeuwse kleigronden die door onze voorouders met bloed, zweet en tranen gewonnen zijn op de zee, is en blijft onacceptabel, onbegrijpelijk en on-Zeeuws!

Dat wordt ook tot uitdrukking gebracht in ons Zeeuws-Vlaams Volkslied:

Waar eens ‘t gekrijs der meeuwen, verstierf aan ‘t eenzaam strand.
Daar schiepen zich de Zeeuwen, uit schor en slik hun land.
En kwam de stormwind woeden, hen dreigend met verderf.
Dan keerden zij de vloeden, van ‘t pas gewonnen erf.

 

PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ)
François Babijn, Fractievoorzitter

Lees hier het PZC artikel

Gepubliceerd in Nieuws

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDDELBURG

Oostburg, 21 december 2020,

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), aangaande ‘Project Waterdunen’.

 

Toelichting

Hierna volgen de vragen die wij tijdens de Statenvergadering van 18 december jl. hebben aangekondigd.

Vragen

  1. In de stukken staat: ,,Waterdunen is nooit een project geweest waarvan tevoren exact was beschreven wat er opgeleverd ging worden. In die zin heeft het project, in tegenstelling tot reguliere projecten, gaandeweg in samenwerking met de partners steeds meer vorm gekregen”.
    Is het niet zo dat er een overeenkomst is gesloten tussen de projectpartners waarin exact is vastgelegd hoe ‘Project Waterdunen’ ingevuld zou worden, maar dat er in latere stadia opeenvolgende versoberingen dienden te worden doorgevoerd vanwege de enorme financiële tegenvallers?

  2. (a) Bij aanvang van het ‘Project Waterdunen’ maakte de veiligheid op lange termijn een belangrijk onderdeel uit van het geheel; waarom maakt dit nu geen onderdeel meer uit van de scope?

    (b) Voorziet de Provincie Zeeland en haar projectpartners op dat gebied grote financiële tegenvallers en willen zij niet dat die ten laste komen van het ‘Project Waterdunen’?

  3. (a) De in samenhang met ‘Project Waterdunen’ gerealiseerde primaire waterkering zou voor 200 jaar veiligheid gaan zorgen. Inmiddels staat er in diverse stukken een sterretje achter die 200* jaar en lezen we in de toelichting dat die 200 jaar niet langer gegarandeerd kan worden vanwege de zeespiegelrijzing.
    Waarom is er destijds bij de vaststelling van die normering geen rekening gehouden met de zeespiegelrijzing?

    (b) Wat wij ook missen in deze (i.v.m. diezelfde zeespiegelrijzing) is de garantietermijn van de regionale waterkering, de dijk die het achterland tegen verzilting/overstroming moet beschermen.
    Voor hoeveel jaar dijkveiligheid staat de regionale waterkering borg ter hoogte van het ‘Project Waterdunen’?

    (c) Zijn er consequenties m.b.t. de ‘waterveiligheid’ te voorzien die een afronding/oplevering van het ‘Project Waterdunen’ in de weg staan of die mogelijkerwijs weer voor vertraging kunnen zorgen, en zo ja, welk bedrag is daar dan mee gemoeid?

    (d) Om reden van het feit dat de sterkte van een waterkering afhangt van haar ‘zwakste schakel’, willen wij van uw college vernemen voor hoeveel jaar veiligheid de inlaatduiker borg staat.

    (e) Hoe verhoudt zich de veiligheid (primaire en secundaire waterkering) van het dijkvak Waterdunen inclusief inlaatduiker t.o.v. andere dijkvakken van de Zeeuws-Vlaamse kust?

  4. Uw college gaf tijdens de Statenvergadering aan achter alle conclusies in het vertrouwelijke rapport te staan. Kan uw college aangeven of daar financiële consequenties aan verbonden zijn, en zo ja voor welk bedrag, en wie in dat geval de rekening gepresenteerd krijgt

  5. (a) In de stukken staat dat de Provincie Zeeland m.b.t. de openstelling van de getijdenduiker, de inlaatkreek en de zandvang nu nog risicodrager is. Kan uw college aangeven voor welke periode en voor welk totaalbedrag? Zo nee, waarom niet? (N.B. Stel dat bijvoorbeeld het sediment in de zandvang chemisch belast zou blijken te zijn, dan kunnen de verwijderingskosten al snel uit de hand lopen.)

    (b) Tevens vernemen wij graag van uw college waarom de Provincie Zeeland risicodrager is voor de openstelling van de getijdenduiker en waarom dat risico niet tot de verantwoordelijkheid van het Waterschap Scheldestromen gerekend mag worden?

  6. Voor wat betreft het entreegebouw lezen wij: ,,Naast de scope van de provincie en de eventuele entreevoorziening, heeft Molecaten verklaard een informatiecentrum in het oude gemaal te realiseren en, indien het entreegebouw niet doorgaat, de speelnatuur zelf uit te voeren”.
    Tijdens één van de voor Provinciale Staten georganiseerde excursies is de bus gestopt op een locatie waar Molecaten het onthaalgebouw inclusief speelnatuur zou gaan realiseren; de woordvoerder namens Molecaten bevestigde dat destijds! Betreft het hier wederom een mogelijke versobering en is het naar de mening van uw college nog wel zinvol om dergelijke excursies te organiseren als de scope van project steeds blijft wijzigen en versoberingen aan de orde van de dag zijn?

  7. In de Statenvergadering kwam naar voren dat uw college geen opleverdatum meer durft te noemen voor ‘Project Waterdunen’.
    Gelooft uw college nog wel in de complete realisatie van het ‘Project Waterdunen’, of hoopt uw college alleen nog maar?

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

 

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

 

François Babijn, Fractievoorzitter

 

pdf Antwoorden op art 44. vragen over Waterdunen 21 december 2020 (106 KB)

Gepubliceerd in Nieuws

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDDELBURG

Oostburg, 30 november 2020,

Geacht College, 

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), n.a.v. ‘Informatiesessie voor PS met verkenner van de samenwerking tussen GGD Zeeland, VRZ en RUD Zeeland’ d.d. 26-11-2020 jl..

Toelichting

Tijdens genoemde informatiesessie zijn niet al onze vragen van een antwoord voorzien, daarom volgen hierna nog enkele vragen.

 

Vragen

  1. Met name de GGD dient goed bereikbaar te zijn met het OV, daarom willen wij van uw college vernemen waar de beoogde nieuwbouwlocatie is voorzien en of er al een optie is genomen op die nieuwbouwlocatie in Goes?
  2. Ook zijn wij benieuwd naar de reden waarom er door de GGD gekozen is voor nieuwbouw en niet voor renovatie van het gebouw op de huidige bestaande locatie, een locatie die uitstekend bereikbaar is met het OV en met een ondergrondse parking om de hoek. Daarom willen wij van uw college graag het rapport ontvangen dat hieraan ten grondslag ligt.
  3. (a) De Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) is fel tegenstander van wederom het vertrek van een overheidsdienst uit Zeeuws-Vlaanderen. Wat is de mening van uw college over het feit dat bij een samengaan van deze drie organisaties de RUD definitief vertrekt uit Zeeuws-Vlaanderen?
    (b) Wordt er momenteel reeds gekeken naar hoe dat vertrek mogelijk gecompenseerd kan worden?
    (c) Zo nee, waarom niet?
  4. (a) De VRZ heeft nog niet zo lang geleden geïnvesteerd in een vestiging te Middelburg, is uw college met ons van mening dat bij een vertrek naar Goes dit een enorme desinvestering met gemeenschapsgeld betreft?
    (b) Zo nee, waarom niet?
  5. Er wordt gesproken over synergievoordelen bij een samengaan van deze drie organisaties. Kan uw college een gedetailleerde samenvatting geven waar die uit gaan bestaan, en welk totaalbedrag daar mee gemoeid is?
  6. Deelt uw college onze zorgen dat een mogelijk samengaan ook aanleiding kan geven tot meerkosten en problemen door zogenaamde “cultuurverschillen”?
  7. (a) Is er onderzoek geweest binnen deze organisaties, naar hoe de werknemers tegen een mogelijke fusie aankijken?
    (b) Zo nee, waarom niet?
  8. Met betrekking tot mogelijke financiële tegenvallers (meerkosten) willen wij van uw college weten of de ICT-systemen van betrokken organisaties compatible zijn of niet, en zo nee, welk bedrag daarvoor wordt uitgetrokken?
  9. Ook willen wij van uw college een reactie op de vraag waarom betreffende organisaties in deze tijd, waar blijkt dat er probleemloos digitaal op afstand kan worden samengewerkt (wat waarschijnlijk ook de toekomst zal zijn), er zo nodig een samenwerkingsverband op een nieuwbouwlocatie wordt nagestreefd? Graag uw uitgebreide toelichting.
  10. Tot slot vernemen wij graag van uw college in hoeverre de besluitvorming over een mogelijk samengaan van de GGD de VRZ en de RUD bij het Provinciebestuur ligt, dit om reden van het feit dat wij geen zeggenschap hebben over alle drie deze betrokken organisaties?

 

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend, 

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn (Fractievoorzitter)

Gepubliceerd in Nieuws
Provincie Zeeland logo
osf logo
waterschap scheldetromen

Nieuwsbrief

Aanmelden of afmelden

Ontvang onze nieuwsbrief
Ik ga akkoord met Gebruiksvoorwaarden en de Privacy beleid
U ontvangt na uw inschrijving een mailbericht om uw inschrijving te bevestigen

Actueel

Partij voor Zeeland

Partij voor Zeeland

Contact

Bestuur

Lid worden