pvz header1

Redactie PvZ

Redactie PvZ


Provinciale Staten van Zeeland, bijeen op vrijdag 8 oktober 2021,

Constaterende dat:
De provincie Friesland een verordening heeft op de bestrijding van jacobskruiskruid;

Overwegende dat:
Jacobskruiskruid een bedreiging vormt voor de volksgezondheid, het dierenwelzijn en de biodiversiteit;

Draagt het college op:
Gezien de urgentie zo spoedig mogelijk, in het belang van de volksgezondheid, het dierenwelzijn en het behoud van de biodiversiteit voor Zeeland, een verordening voor de bestrijding van Jacobskruiskruid op te stellen (naar voorbeeld van de provincie Friesland) en deze ter besluitvorming voor te leggen aan Provinciale Staten van Zeeland.

En gaat over tot de orde van de dag,

 

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ)

François Babijn.


Motie:

default Motie Bestrijding Jacobskruiskruid 8 oktober 2021 (69 KB)

Verordening Provincie Friesland:

default Verordening op de bestrijding van Jakobskruiskruid in de provincie Fryslân (42 KB)

 

 

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDDELBURG

Oostburg, 27 juli 2021,

 

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), aangaande overwoekering van Zeeland door het giftige (Sint) Jacobskruiskruid.

 

Toelichting

In een artikel in de PZC van 25 juli jl. lezen wij: ,,Dierenarts …………… van DAC (dierenartsencombinatie) Overschelde krijgt elk jaar paarden onder ogen met leverproblemen. Dan is ‘stapelingsziekte’ (vergiftiging met kruiskruid) verreweg de eerste oorzaak waar zij aan denkt, aldus ……..” (Vanwege AVG regelgeving is de naam weggelaten in het citaat.) 

Runderen en paarden vermijden bij het grazen Jakobskruiskruid normaal gesproken, maar in tijden van droogte en voedselschaarste kunnen ze het wel gaan eten.

Jacobskruiskruid is giftig voor de meeste zoogdieren, inclusief de mens.

Tegengif of genezing is niet mogelijk; de leverschade is uiteindelijk dodelijk.

Jacobskruiskruid lijkt ook honing aan te tasten, meldt de Voedsel- en Warenautoriteit.

Via melk, vlees en honing kunnen de gifstoffen dus ook bij mensen terechtkomen, deze gifstoffen kunnen tevens ook nog een verhoogde kans op kanker veroorzaken.

Een perceel met veel Jacobskruiskruid verliest zijn economische waarde, omdat de opbrengsten hiervan niet kunnen worden verkocht voor consumptie. Toch moet het wel gemaaid worden en moet het als afval worden afgevoerd en daardoor brengt het ook nog eens hoge kosten met zich mee.

De ZLTO dringt aan op bestrijding en noemt de situatie urgent!

 

Vragen

  1. (a) Is uw college het eens met de ZLTO die aandringt op bestrijding van Jacobskruiskruid en de situatie urgent noemt?

    (b) Zo nee, waarom niet?

    (c) Zo ja, welke stappen gaat uw college dan ondernemen om deze problematiek aan te pakken?

  2. (a) Kan uw college bevestigen dat Jacobskruiskruid in bermen en op andere locaties is ingezaaid en nog steeds wordt ingezaaid in Zeeland?

    (b) Zo ja, wie is/zijn daarvoor verantwoordelijk?

    (c) Denkt uw college dat de kosten, voor de noodzakelijke bestrijding van deze uiterst giftige plant, o.a. gelegd kunnen worden bij die verantwoordelijke(n)?

    Het feit is dat als een veehouder koeien laat grazen in een weide die te weinig voedsel bevat en de koeien vervolgens ook niet bijvoert, dan krijgt die veehouder binnen de kortste keren een proces-verbaal aan zijn broek en kan zijn veestapel in beslag worden genomen!
  3. (a) Is uw college, met dat feit in het achterhoofd, met ons van mening dat in de wetenschap dat als in tijden van voedselschaarste en droogte runderen en paarden wel Jacobskruiskruid gaan eten, terwijl zij dat normaalgesproken mijden, met name de dieren in de ‘Nieuwe Natuurgebieden’ gemonitord dienen te worden, omdat deze gebieden per definitie voedselarm worden ingericht?

    (b) Of is uw college het niet met de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) eens dat dierenleed/dierenmishandeling te allen tijde aangepakt dient te worden, en beter nog, dient te worden voorkomen?

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDDELBURG

Oostburg, 20 juli 2021,

Geacht College,

 

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), aangaande het project Zanddijk.

 

Vragen inclusief toelichting

In een artikel van de PZC d.d. 16 juli jl. (zie bijlage) lezen wij: ,,Wanneer het plan in november aan de Staten wordt gepresenteerd zal de marge voor het middengedeelte (verbreding van de dijk, aanleg van viaduct over het spoor) nog niet onder de 15 procent liggen, verwacht Van der Maas. Hij verwacht dan bijvoorbeeld nog geen definitieve duidelijkheid over de bijdrage van het Rijk aan het viaduct. De Zanddijk komt daarvoor in aanmerking, maar de subsidiepot is leeg.””

Met betrekking tot de bijdragen van Het Waterschap Scheldestromen en de gemeente Reimerswaal lezen wij in het artikel van de PZC: ,,Ook is het de bedoeling dat deze twee overheden elk een deel van de Molendijk overnemen van de provincie.”

De vraag is of deze beide overheden daartoe bereid zijn, gezien het feit dat er op termijn forse investeringen gevraagd zullen worden m.b.t. ‘aanpassingen van de regionale waterkeringen’.

Een belangrijk argument om voor het tracé Roze Zwart te kiezen i.p.v. het meer logische tracé Rood is het feit dat uw college provinciale staten altijd heeft voorgehouden, dat het Rijk en andere betrokken partijen alleen zouden meebetalen aan de variant Roze Zwart.

Vraag 1: Gaarne vernemen wij of uw college het met de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) eens is dat indien deze Rijkssubsidie zou komen te vervallen en mogelijk ook andere subsidiestromen, er uiteindelijk weinig argumenten overblijven om een definitieve keuze te maken voor de variant Roze Zwart, en het dan logischer zou zijn om te kiezen voor de variant Rood? Zo nee, waarom niet?

 

In een artikel van Omroep Zeeland d.d. 16 juli jl. (zie bijlage), staat te lezen dat gedeputeerde van der Maas aangeeft dat ingenieur van de Linde, de man die meerekende voor de provincie aan onder meer de Oosterscheldekering, de Westerscheldetunnel en de Sluiskiltunnel, nu ook meerekent met de Zanddijk.

Artikel Omroep Zeeland: ,,Gedeputeerde Harry van der Maas (SGP) zei vrijdagmorgen dat Van de Linde nu samen met de provincie meerekent. "Hij geeft ons waardevolle aanwijzingen."”.

Vraag 2: Kan uw college bevestigen dat ingenieur .....(weggelaten i.v.m. AVG) meerekent inzake het project Zanddijk? Zo nee, is gedeputeerde van der Maas dan verkeerd geciteerd?

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

  

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter

 

Bijlages

PZC 16 juli 2021:  default Ook Zanddijk ontkomt niet aan kostenstijging door oververhitte bouwsector (81 KB)

Omroep Zeeland 16 juli 2021:  default Kosten opknappen gevaarlijke Zanddijk in Yerseke pas eind dit jaar bekend (15 KB)

Vragen:

document Art. 44 vragen (PVZ) aangaande project Zanddijk (86 KB)

Antwoorden

default Antwoorden vragen aan PvZ over het project Zanddijk (47 KB)

 

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis
Abdij 6
4331 BK MIDDELBURG

 

Oostburg, 12 juli 2021,

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), m.b.t. artikel PZC: ,,Zeeuws-Vlaamse schooldirecteuren bezorgd over bibliotheekaanbod voor leerlingen” d.d. 9 juli jl..

Toelichting

Zie artikel PZC in bijlage.

 

Vragen

  1. Is uw college bekend met de in het betreffende artikel genoemde problematiek?

  2. Vindt uw college het net als de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), onbegrijpelijk dat een instantie als ZB planbureau en Bibliotheek van Zeeland een relatie legt tussen de kwantiteit/kwaliteit van het aanbod van boeken en de kwantiteit van het aantal leerlingen? Zo nee, waarom niet?

  3. Baart het uw college, net als ons, ook zorgen dat genoemde instantie, zonder overleg met betrokkenen, ingrijpende wijzigingen wil doorvoeren m.b.t. het bibliotheekaanbod voor leerlingen?

  4. Zo ja, is uw college dan bereid om een coördinerende rol op te pakken ter voorkoming van een verdere verschraling van het literatuuraanbod voor leerlingen? Zo nee, waarom niet?

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

 

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter

BIJLAGE: P.Z.C.

pdf Zeeuws-Vlaamse schooldirecteuren bezorgd over bibliotheekaanbod voor leerlingen (17 KB)

 

Antwoorden:

default Antwoorden vragen over de bezorgdheid van Zeeuws-Vlaamse schooldirecteuren over het bibliotheekaanbod voor leerlingen 12 juli 2021 (33 KB)

Tekst van de Motie om de ontpoldering van de Hedwigepolder per omgaande stil te leggen die ingediend zal worden tijdens de statenvergadering op 23 juli a.s.


MOTIE ‘Stop Ontpoldering Hertogin Hedwigepolder”

 

Provinciale Staten van Zeeland, bijeen op vrijdag 23 juli 2021,

Constaterende dat:

  • Het voor een zeer ruime meerderheid van onze Zeeuwse bevolking, inclusief ondergetekenden, onbegrijpelijke besluit om deze vruchtbare door de mens op de zee veroverde Hertogin Hedwigepolder te ontpolderen en daarmee tegen alle logica en gezond boerenverstand in te vernietigen, helaas is genomen;

  • Nieuwe feiten: de vervuiling van de Westerschelde met PFAS/PFOS, een factor is waar in het belang van de volksgezondheid terdege rekening mee gehouden dient te worden;

 

Overwegende dat:

  • Met betrekking tot het risico voor de volksgezondheid, de vervuiling van de Westerschelde met PFAS/PFOS, als een uiterst urgent probleem mag worden aangemerkt;

  • Ter voorkoming van vervuiling van de Hertogin Hedwigepolder, de voorgenomen ontpoldering per omgaande moet worden stilgelegd;

 

Draagt het college op:

Gezien de urgentie, binnen de kortst mogelijke termijn alles in het werk te stellen om in het belang van de volksgezondheid voor Zeeland, er bij de regering op aan te dringen de ontpoldering van de Hedwigepolder per direct stop te zetten.

 

En gaat over tot de orde van de dag,

 

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ)

 

François Babijn  | H.G.A. Steur | E.A.A. van Hoecke

 

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDDELBURG

Oostburg, 7 juli 2021,

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), aangaande ‘Project Waterdunen’.

 

Toelichting

Op de website ‘waterdunen.com’ lezen wij:

,,Omgevingsvergunning Molecaten Park Waterdunen verleend

23 juni 2021

Deze week kan weer een mijlpaal aan het project worden toegevoegd: de gemeente Sluis heeft de omgevingsvergunning voor het Molencaten Park Waterdunen verleend. Nu komt voor Molecaten de start van de bouw van het recreatieve gedeelte een stap dichterbij. Molecaten hoopt in 2022 aan de realisatie van hun park te beginnen. De bouwtijd van het recreatiegedeelte- dat bestaat uit een centrumgebouw, zo’n 220 campingplaatsen en de eerste fase van circa 75 huizen- is ruim een jaar.”

Vragen

  1. (a) Kan uw college bevestigen, dat in tegenstelling tot deze “uiterst positieve berichtgeving” (2022), Molecaten alle bouwactiviteiten met minimaal een jaar heeft opgeschort (2023)?

    (b) Indien uw college dat kan bevestigen, willen wij graag van u vernemen waarom Molecaten de bouwactiviteiten voor de zoveelste keer opschort en of uw college er nog steeds van overtuigd is en blijft dat dit uitstel op termijn geen afstel zal blijken te zijn?

  2. Wanneer mogen wij een antwoord op onze vraag aangaande inkomstenderving van uw college verwachten; “project Waterdunen’ had immers in 2015 al ‘turn key’ opgeleverd moeten zijn? Samengevat willen wij van uw college vernemen welk bedrag aan inkomsten de Zeeuwse samenleving van 2015 tot op heden al is misgelopen?
  3. (a) Kan uw college aangeven of, en zo ja, welke gevolgen de vervuiling van de Westerschelde met PFAS/PFOS heeft voor het ‘Project Waterdunen’? (De Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) denkt met name aan de mogelijke gevolgen voor de ‘zilte teelten’ en de mogelijk fors hogere kosten m.b.t. de verwerking van het baggerslib.)

    (b) Bestaat er naar de mening van uw college hierdoor een verhoogd risico dat andere “projectpartners” de ‘baggerkosten’ nu zeker niet willen delen met de provincie Zeeland en deze lasten tot in lengte van jaren op de Provinciale begroting zullen blijven drukken?

    (c) Mochten er naar de mening van uw college geen gevolgen zijn voor het ‘Project Waterdunen’ door de vervuiling van de Westerschelde met PFAS/PFOS, dan verwachten wij van u een uitgebreide motivatie waarom niet.

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

François Babijn, Fractievoorzitter

 

Antwoorden:

default Antwoorden op vragen Waterdunen 8 juli (257 KB)

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDDELBURG

 

Renesse, 15 juni 2021, 

Geacht College,

 

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid H.G.A. (Bertie) Steur, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), aangaande artikel gepubliceerd op de website van STAF m.b.t. stikstofproblematiek (zie bijlage).

Bijlage:  default Verstoring-natuurbodem-grootste-bron-schadelijke-stikstof 15 juni 2021 (3.21 MB)

Toelichting

De Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) heeft met grote interesse kennis genomen van voornoemd artikel.

De Provincie Drenthe heeft blijkens de middels een WOB-verzoek door Farmers Defence Force verkregen gegevens, reeds in 2010 en 2014 metingen door de UvA laten uitvoeren, waaruit naar voren komt dat de belangrijkste bron van stikstof in de natuur de natuur zelf is.

Bij verstoring van de bodem zal de aanwezige organische stof afbreken en hierbij komt gebonden stikstof vrij door afbraak en wordt deze voor planten weer opneembaar.

Dit is oude (wetenschappelijke) kennis welke in de moderne tijd al dan niet opzettelijk in de vergetelheid is geraakt.

 

Vragen naar aanleiding van dit artikel:

  1. Is uw college het met de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) eens dat dit een ander licht werpt op de stikstofproblematiek en op de soms draconische maatregelen die uit het stikstofbeleid voortvloeien? Zo nee, waarom niet?

  2. Is uw college het met de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) eens dat dit onderwerp nader onderzoek verdient naar aanleiding van de in het artikel genoemde bevindingen, teneinde de stikstofgevoelige natuur in Zeeland echt te kunnen beschermen? Zo nee, waarom niet?

  3. Is uw college het met de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) eens, dat maatregelen welke bedoeld zijn om stikstofgevoelige natuur te behouden, zoals bijvoorbeeld afplaggen en bomen rooien, nader bestudeerd dienen te worden, daar deze waarschijnlijk meer kwaad dan goed doen? Zo nee, waarom niet?

  4. Is uw college het met de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) eens dat het artikel beziend, best zou kunnen blijken dat de onderhoudsvergoedingen voor stikstofgevoelige natuur aan terrein beherende organisaties omlaag zouden kunnen, daar deze maatregelen welke door deze vergoedingen bekostigd dienen te worden waarschijnlijk meer kwaad dan goed doen en dus feitelijk overbodig zijn? Zo nee, waarom niet?

  5. Is uw college bereid, om naar aanleiding van voornoemd artikel en de gegevens welke er liggen vanuit Drenthe, het onderwerp bij het volgende IPO-overleg over stikstof naar voren te brengen, teneinde de stikstofgevoelige natuur in Nederland echt te kunnen beschermen, met name door het stimuleren van bewustwording bij overige Provincies en daaraan gekoppeld bij terrein beherende organisaties? Zo nee, waarom niet?

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

H.G.A. (Bertie) Steur, Statenlid

Antwoorden:

default Antwoorden vragen 15 juni 2021 over stikstofproblematiek (48 KB)

Kijk hier voor de antwoorden:

pdf Antwoorden Art.44 vragen Partij voor Zeeland Waterdunen 12 mei 2021 (160 KB)

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDDELBURG

Oostburg, 12 april 2021

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid François Babijn, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), aangaande ‘Project Waterdunen’ n.a.v. onvolledige/niet beantwoording in commissie Ruimte d.d. 26 maart jl..

Toelichting
Uw college heeft ons, bij monde van gedeputeerde Pijpelink, in de commissie Ruimte van d.d. 26 maart jl. voor de beantwoording van een vraag doorverwezen naar het Waterschap Scheldestromen. Voor de Statenfractie van de PARTIJ VOOR Zeeland (PVZ) is dit onacceptabel en daarom stellen wij deze vraag opnieuw in de vorm van art. 44 vraag.

De inlaatduiker voldoet momenteel niet aan de ‘in de wet gestelde veiligheidseisen’ en moet daarom worden “aangepast” (lees volledig op de schop worden genomen) en daarenboven ontbreekt er een regionale waterkering (binnendijk) ter plaatse.

N.B. De kernvraag, of de veiligheid in en om Waterdunen momenteel gewaarborgd is, is en blijft naar onze mening nog steeds een relevante legitieme vraag.

(A) Vragen

  1. Volgens presentatie 12 maart 2021 van Royal Haskoning DHV; ik citeer: ,,Gemaal geen onderdeel van de scope (geen invloed op Waterdunen)” (zie foto).

    getijdeduiker

    Dat staat haaks op het rapport ‘Waterdunen veilig & functioneel’ van Royal Haskoning DHV; ik citeer: ,,8.2.2 Terugslagkleppen gemaal De diverse componenten van het gemaal zijn aan de hand van de door het waterschap aangeleverde documentatie op hoofdlijnen beschouwd. De resultaten hiervan zijn in § 5.4.2 weergegeven. Uit de beschouwing is naar voren gekomen dat er geen vermoeiingsberekening beschikbaar is van de terugslagklep. Wij adviseren op dit punt nader te onderzoeken. De vermoeiingsberekeningen zijn nodig voor de beoordeling van dijktraject 32-1 als geheel.”

    Voor de beantwoording van de vraag, aangaande deze tegenstrijdigheid, heeft uw college de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) doorverwezen naar het Waterschap Scheldestromen.

    Maar de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) neemt daar dus geen genoegen mee, en wil ‘klip en klaar’ een antwoord van uw college op de vraag hoe het nu zit.

    M.a.w. is de veiligheid in het geding als de terugslagklep in de vierde koker (onderdeel van de inlaat/getijdeduiker) het begeeft, of niet? Zo nee, graag uw uitgebreide onderbouwing waarom niet.

    Gaat uw college opdracht geven om vermoeiingsberekeningen aangaande die terugslagklep uit te laten voeren, conform het advies van Royal Haskoning DHV in het rapport ‘Waterdunen veilig & functioneel’, omdat de vermoeiingsberekeningen nodig zijn voor de beoordeling van dijktraject 32-1 als geheel? Zo nee, graag uw uitgebreide onderbouwing waarom niet?

(B) Vragen m.b.t. beantwoording eerdere vragen n.a.v. presentatie Royal Haskoning DHV d.d. 12 maart jl. (antwoorden college 23 maart jl.), welke eveneens niet beantwoord werden op 26 maart jl. tijdens de commissie Ruimte:

Vraag 4. Mogen we de berekeningen daaromtrent inzien?

Vraag 5. Dus pas weer in 2024 vindt de volgende inspectie plaats of de scheuren niet groter zijn geworden? En zo ja, wat dan?

Vraag 7. Zijn de berekeningen ter inzage?

Vraag 12. Beetje vage beantwoording: ,,Moeten nog afspraken gemaakt worden…”, en: ,,Er ontbreekt geen regionale kering, maar voor instandhouding van de rand is het bestempelen als regionale kering een soort garantie.”

(N.B. In het rapport van Royal Haskoning DHV lezen wij: ,,De hoogte, ligging en afwerking van de kering moet nog worden afgestemd tussen partijen, waaronder waterschap en provincie, en ook een formeel notarieel vastgelegde grondtransitie”.)

Wat gaat dat kosten en zijn die kosten al ingecalculeerd?

Vraag 15. Veiligheidsprobleem bij 20 cm is er niet en verschil tussen zoet of zout maakt kennelijk niet uit? Leg dat eens uit aan een landbouwers en huiseigenaren, en last but not least, verzekeraars… Er is daarmee dus ook geen antwoord gegeven op sub vraag (a): ,,Het criterium “gemiddeld meer dan 20cm inundatie in een wijk of buurt met gelijke 4- cijferige postcode” is alleen van toepassing als het ‘zoet water betreft’; voor zout water is er een criterium van 0 centimeter van toepassing en moeten er dus wél maatregelen genomen worden; of ziet uw college dat anders?”

N.B. In het rapport Waterdunen veilig & functioneel (RHDHV) lezen wij:

,,6.2.6 Accepteren wateroverlast Het is ook mogelijk om de wateroverlast normen te laten varen voor Waterdunen. Dit betekent dat geaccepteerd moet worden dat er zout water over de akkers gaat lopen, zolang dit maar niet leidt tot een waterveiligheidsprobleem (meer dan gemiddeld 20 cm inundatie in een wijk/buurt met gelijke 4-cijferige postcode). De norm is nu dat er eens per 100 jaar (stedelijk gebied) geen zoutwater inundatie mag voorkomen, maar wel “ernstige wateroverlast” ten gevolge van zoet regenwater. Op basis van de resultaten van de SOBEK-berekeningen blijkt dat er geen wateroverlast optreedt op korte en middellange termijn. Bij een calamiteit met de getijdenduiker kan het water binnen de huidige kade geborgen worden. Bij de vooruitblik naar 2073 met een aanname van een zeespiegelstijging van 50 cm is er zeer beperkte inundatie (tot circa 20 cm enkele meters van de rand van de camping grenzend aan het Zwarte Gat), dit valt echter buiten de wateroverlastnorm. Daarom is deze maatregel in het vervolg niet beschouwd.”

,,6.3 Conclusie hoofdstuk 6 Samengevat gelden de volgende conclusies: ◼ Om aan de eisen van waterveiligheid, wateroverlast en ecologie te voldoen, is een set aan fysieke en niet-fysieke maatregelen nodig: de installatie moet worden aangepast, zodat deze voldoet aan het contract en de waterveiligheidseisen; de rand rondom Waterdunen moet een verplichting tot instandhouding krijgen; de hoogte, ligging en afwerking van de kering moet nog worden afgestemd tussen partijen, waaronder waterschap en provincie, en ook een formeel notarieel vastgelegde grondtransitie; het regelsysteem van de getijdenduiker moet worden aangepast.”

Tot slot hebben wij op 26 maart jl. moeten vernemen dat uw college geen definitieve opleverdatum meer wil noemen om ons zogezegd ‘niet blij te maken met een dooie mus’.

Mogen wij daar de conclusie aan verbinden dat uw college de oplevering van project Waterdunen niet langer ziet als een vanzelfsprekendheid, maar dat uw college slechts hoopt dat Waterdunen ooit wordt opgeleverd?

In dat laatste geval wil de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) uw college er op wijzen, dat hoop meestal een uitgestelde teleurstelling betreft!

 

In afwachting van uw beantwoording, verblijven wij,

Hoogachtend,

 

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), 

François Babijn, Fractievoorzitter

Bron: Omroep Zeeland

Fractievoorzitter François Babijn van de Partij voor Zeeland (PvZ) vergeleek de getijdenduiker eerder met een champagnekurk die op springen staat.

Het provinciebestuur gaat de waterdoorlaat in Waterdunen bij Breskens aanpassen omdat deze niet voldoet aan de veiligheidseisen. Volgens verantwoordelijke gedeputeerde Anita Pijpelink is de kritiek niet helemaal terecht.

Eind vorig jaar kreeg het provinciebestuur het rapport van adviesbureau Royal Haskoning DHV in handen. Daaruit blijkt dat de waterdoorlaat niet aan de wettelijke veiligheidseisen voldoet. Verantwoordelijk provinciebestuurder Anita Pijpelink ziet dat anders. "Er is niet zoveel mis. Het is een uniek kunstwerk dat sinds september 2019 al open is. Alleen is er nu te veel toezicht voor nodig en dat moet uiteindelijk zonder kunnen door de aanpassingen."

Fractievoorzitter François Babijn van de Partij voor Zeeland (PvZ) vergeleek de getijdenduiker eerder met een champagnekurk die op springen staat. Zo zou de waterdoorlaat niet met heipalen in de grond verankerd zijn omdat er gekozen is voor een innovatief en goedkoper concept van de bouwer Ballast Nedam. Het rapport adviseert dus aanpassingen. Diverse onderdelen moeten verzwaard worden zodat de kwetsbaarheid tijdens het functioneren wordt verminderd en de kosten voor onderhoud omlaag gaan.

Geen antwoorden van provincie
PvZ-fractievoorzitter Babijn heeft vragen over de onveiligheid van de waterdoorlaat gesteld aan verantwoordelijk provinciebestuurder Anita Pijpelink. "Ik heb er nog geen antwoorden op gekregen. Als je het rapport leest moet er zo ongelooflijk veel aangepast worden. Er zijn bijvoorbeeld terugslagkleppen die gecontroleerd moeten worden op metaalmoeheid, de handbediening van de schuif is onwerkbaar en als oplossing staat er: de noodpomp kan worden aangedreven met een accuboor. Dat is toch belachelijk? Wat als de accu leeg is? Ik vind dit tekenend voor de kwaliteit van de rest van het rapport!"

Over het financiële gedeelte maakt het provinciebestuur voorlopig niets bekend. Dat komt doordat de herstelwerkzaamheden nog moeten worden aanbesteed. Wel zegt verantwoordelijk provinciebestuurder Pijpelink dat het binnen de begroting valt die vorig jaar werd vastgesteld.

default Link naar het Rapport  (6.00 MB)  | default Link naar de gestelde vragen (244 KB)

Provincie Zeeland logo
osf logo
waterschap scheldetromen

Nieuwsbrief

Aanmelden of afmelden

Ontvang onze nieuwsbrief
Ik ga akkoord met Gebruiksvoorwaarden en de Privacy beleid
U ontvangt na uw inschrijving een mailbericht om uw inschrijving te bevestigen

Actueel

Partij voor Zeeland

Partij voor Zeeland

Contact

Bestuur

Lid worden