pvz header1

Home

Partij voor Zeeland Nieuws

MOTIE ‘Zeeuwse Bloemenrivièra’

Provinciale Staten van Zeeland, bijeen op vrijdag 1 april 2022,

Constaterende dat:

  • In ons land en dus ook in onze mooie provincie Zeeland, de vlinder- en insectenpopulatie de afgelopen jaren drastisch is teruggelopen, en dat ondanks de aanleg van vele hectares ‘nieuwe natuur’;
  • De agrarische sector akkerranden inzaait teneinde de biodiversiteit, waaronder de vlinder- en insectenstand, te stimuleren;

 

Overwegende dat:

  • Het wellicht het onderzoeken waard is of het mogelijk en zinvol zou kunnen zijn, om naar voorbeeld van die agrarische sector, grotere oppervlaktes, waaronder ‘Nieuwe Natuur’ in te zaaien met bloemenmengsels, teneinde op grotere schaal de biodiversiteit, waaronder de vlinder- en insectenstand, nog sterker en effectiever te kunnen stimuleren;
  • Het mogelijkerwijs niet alleen een stimulans zou kunnen betekenen voor een toename van de biodiversiteit in het algemeen, maar tevens van meerwaarde zou kunnen zijn voor het toerisme.
  • Daarenboven beheerders (TBO’s) van die ‘nieuwe natuur’ gebieden wellicht ook nog een besparing kunnen realiseren omdat door het ontstaan van bloemenweides de maaifrequentie mogelijk omlaag kan;
  • Er wellicht nog meer methodes zijn die kunnen worden ingezet om de vlinder- en insectenstand te stimuleren;

 

Draagt het college op:

  • Om in samenspraak met alle betrokken organisaties en overheden waaronder Natuur en Terrein Beherende Organisaties (TBO’s), ZLTO, kennisinstituten en andere deskundigen, in de breedst mogelijke zin dus, te laten onderzoeken of het inzaaien van (inheemse) bloemenmengsels* op grotere schaal, o.a. in ‘Nieuwe Natuurgebieden’, een effectieve bijdrage zou kunnen leveren aan het verder stimuleren van de vlinder- en insectenstand;
  • Ook te kijken of er nog andere locaties geschikt zouden kunnen zijn om in te zaaien;
  • Daarenboven tevens te laten onderzoeken of er nog andere methodes zouden kunnen worden ingezet om de vlinder- en insectenstand te stimuleren;
  • Indien er een positieve respons komt vanuit “het veld”, financiële dekking te vinden en een ‘proeftuin’ op te zetten;

 

En gaat over tot de orde van de dag,

Statenfractie

PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ)

François Babijn

 

Bijlages:  pdf Motie Zeeuwse bloemenriviera 1 april 2022 (86 KB)  | default Welke planten moet je inzaaien als je wilde bijen wilt bevorderen (214 KB)

*Voorkeur voor inheemse bloemenmengsels om de verspreiding van ongewenste exoten te voorkomen, en ook meerjarige houtige planten, omdat deze het hele jaar door voor voedsel zorgen (zie bijlage WUR).

Bron: PZC

TERNEUZEN - Of je nu in een stad, dorp of in de polder woont, haast niemand kan nog zonder een goede internetverbinding. Glasvezel is daarbij het nieuwe toverwoord. Maar leg dát maar eens aan in het buitengebied.

Dat is geen eenvoudige opgave, maar GlasDraad wil het in Zeeuws-Vlaanderen gaan proberen. Deze week ondertekenden de drie wethouders van Terneuzen, Sluis en Hulst, gedeputeerde Jo-Annes de Bat van de provincie, dijkgraaf Toine Poppelaars van waterschap Scheldestromen en GlasDraad een convenant om inwoners en bedrijven in de kleine dorpen en polders te voorzien van razendsnel internet.

Er is nog wel een hindernis te nemen; het initiatief kan alleen doorgaan als ten minste veertig procent van de adressen zich voor 18 juli aanmeldt voor een glasvezelaansluiting. Vanaf 9 april worden alle bewoners en ondernemers benaderd met een brief en informatiekrantje. Ook worden er meerdere informatiebijeenkomsten gehouden. Het campagneteam van GlasDraad bestaat voor meer dan de helft uit Zeeuws-Vlamingen.
Het gaat om 25.000 adressen

In totaal gaat het om 25.000 adressen in alle kleine dorpen en het buitengebied van de gemeente Hulst, Sluis en Terneuzen. GlasDraad tekent voor de infrastructuur, oftewel de aanleg van het glasvezelnetwerk. Daarna kan er zaken worden gedaan met verschillende aanbieders van abonnementen voor internet, televisie en telefonie.

GlasDraad zorgt voor de benodigde projectfinanciering, alle technische voorbereidingen, bouwvergunningen, overeenkomsten met de serviceproviders op het netwerk, aannemersselectie, de bouw van het netwerk en het beheer.

Lees het volledig artikel op de website van de PZC:

pzc.nl/zeeuws-vlaanderen/glasvezel-in-de-zeeuws-vlaamse-polder

MOTIE ‘Zeeland voor Oekraïne’

Provinciale Staten van Zeeland, bijeen op vrijdag 1 april 2022,

 

Constaterende dat:

  • In 2023 de provincie Zeeland haar 700-jarig bestaan als bestuurlijke eenheid (eerst een graafschap en later een provincie) sinds het verdrag van Parijs/Zeeland viert;
  • Zeeland middelen uittrekt om dat te gaan vieren;
  • Oekraïne nu dringend hulp nodig heeft en ook later voor de wederopbouw;

 

Overwegende dat: 

  • Er naar onze inschatting onder deze omstandigheden voldoende draagvlak binnen onze samenleving bestaat om de middelen die bestemd zijn voor de viering van 700 jaar Zeeland om te buigen om in te kunnen zetten voor hulp aan Oekraïne;

 

Draagt het college op: 

  • De nodige stappen te zetten om de middelen, bestemd voor de viering van 700 jaar Zeeland, daar waar mogelijk, om te buigen voor hulp aan Oekraïne (Giro555).

 

En gaat over tot de orde van de dag,

 

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) 

François Babijn

Bijlage:

pdf Motie Zeeland voor Oekraïne 01 04 2022 (80 KB)

PFAS en de Hedwigepolder

Statenvergadering 11 februari 2022

Vandaag zijn meerdere fracties voornemens om een motie in te dienen over de ontpoldering van de Hedwigepolder.

Dit naar aanleiding van de recent naar voren gekomen geluiden dat zich in de Westerschelde hoge gehaltes PFAS bevinden, welke bij ontpoldering ook in de Hedwigepolder terecht zullen komen.
Had dit in een eerder stadium onderkend kunnen en moeten worden? Het antwoord is ja.

Reeds in 2010 is een rapport van Deltares verschenen (zie bijlage) over doorgifte en ophoping van vervuilende stoffen in hogere organismen, uitgevoerd in opdracht van de Provincie Zeeland waarin nadrukkelijk PFC’s (PFAS) en met name PFOS worden genoemd omdat de gehalten in biota (prooidieren) hoog zijn, in dit rapport wordt al gemeld dat eerste onderzoeken laten zien dat PFOS mogelijk al bij lage concentraties effecten op o.a. reproductie en het immuunsysteem kan geven. Onderzoek naar biota is ook belangrijk omdat dit de beste indicatie geeft van de biologische beschikbaarheid van stoffen.

In de managementsamenvatting https://www.zeeland.nl/sites/default/files/digitaalarchief/ZEE1001138.pdf over dit rapport wordt ook gewezen op PFC’s (PFAS) met het advies dit mee te nemen in lopende biota onderzoeken. GS geeft in deze brief aan kennis genomen te hebben van het rapport en zelf geen specifieke rol te zien bij de uitvoering van de aanbevelingen maar zorg te dragen dat de aanbevelingen op de juiste plaats terechtkomen en ter hand worden genomen. De juiste plaats, zo valt verderop te lezen is bij Rijkswaterstaat waar binnen het MWTL-programma (Monitoring Waterstaatkundige Toestand des Lands) reeds monitoring van zoutwaterbiota plaatsvindt.

Was dit daadwerkelijk gebeurd dan was in 2012 bij invoering van de norm voor PFOS voor de KRW (Kader Richtlijn Water) gebleken dat de gehaltes in biota te hoog waren (en overigens nog steeds zijn).
Twee weken na het verschijnen van voornoemde managementsamenvatting verscheen het rapport van IMARES “Inschatting van de kwaliteit van toekomstige estuariene natuur in de Hedwigepolder” https://www.zeeland.nl/sites/default/files/digitaalarchief/IB21_603178b2.pdf .
Op blz 6 valt te lezen dat geperfluoreerde verbindingen (PFAS) buiten de scope van dit onderzoek vallen…

Op 31 maart 2015 verschijnt het in opdracht van de Provincie opgestelde IMARES rapport “Zeehonden in het Deltagebied, geperfluoreerde verbindingen en populatieontwikkeling” https://www.zeeland.nl/sites/default/files/digitaalarchief/IB21_603178b2.pdf
De tabel op blz 21 van dit rapport laat zien dat de gehalten PFOS in diverse diersoorten zo hoog zijn dat zij boven de dan inmiddels vastgestelde norm van de KRW vallen, met een factor 1,5 tot 50, afhankelijk van de diersoort. Deze norm van 9,1 ng/g natgewicht ligt overigens fors hoger dan de norm die vanuit het RIVM is bepaald voor veilige humane consumptie.

De huidige situatie is dat er ondanks het advies uit 2010 geen structureel onderzoek is gedaan naar PFOS in biota, na het bekend worden dat deze problematiek speelt zijn wel door Omroep Zeeland en de PZC kleine steekproeven gedaan waaruit blijkt dat de gehalten nog steeds een overschrijding van de norm van de KRW van 1 tot 4 maal laten zien. Gegevens uit België https://www.vmm.be/publicaties/veldstudies-naar-monitoring-van-biota-algemene-trends-en-relaties/@@download/attachment/Veldstudie_monitoring_biota_samenvattend%20verslag_TW.pdf? laten zien dat in dat gedeelte van de Schelde de hoeveelheid PFOS in biota ook (te) hoog is.

Na ontpoldering maakt de Hedwigepolder onderdeel uit van de Westerschelde, de bodem voldoet dan in het kader van de Waterwet aan de gestelde eisen voor PFAS, voor biota lijkt het er echter sterk op dat deze teveel PFOS bevatten voor de norm van de KRW welke dan ook voor de Hedwigepolder zal gelden.
Lijkt, want er is tot op heden nog geen representatief onderzoek gedaan.

Wij vinden het onbegrijpelijk dat Gedeputeerde Staten tot op heden ondanks alle zorgen die er leven, de bevindingen uit de onderzoeken uit 2010 en 2015 en uit recente steekproeven nog steeds volhoudt dat alle gehalten binnen de normen vallen, waar dit voor biota zeer waarschijnlijk niet het geval is, en dat er met een gerust hart ontpolderd kan worden.

Zo lang het niet wordt onderzocht heeft men er geen weet van, wij vragen ons inmiddels af of dat de tactiek is, of dat het hier gewoon grove nalatigheid betreft van uw college, wat ten koste gaat van onze Zeeuwse volksgezondheid en de natuur.

 Bijlages:

juli 2020: pdf
Inschatting van de kwaliteit van toekomstige estuariene natuur in de Hedwigepolder (965 KB)

september 2010: pdf
Veldstudie monitoring biota samenvattend verslag TW (4.15 MB)

College van Gedeputeerde Staten

Provinciehuis

Abdij 6

4331 BK MIDDELBURG

Renesse, 03-02-2022,

Geacht College,

Betreft schriftelijke vragen conform Art. 44 van het Reglement van Orde van het Statenlid H.G.A. (Bertie) Steur, PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ), n.a.v. uw brief d.d. 02-02-2022 jl. aangaande ‘Hedwigepolder (Natuurpakket Westerschelde, NPW)’.

 

Toelichting

Met belangstelling heeft de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) uw brief d.d. 02-02-2022 jl. aangaande ‘Hedwigepolder (Natuurpakket Westerschelde, NPW)’ gelezen, alsmede een tweetal relevante rapporten en een notitie hierover, te weten: 

Zeehonden in het Deltagebied: populatieontwikkeling en geperfluoreerde verbindingen. (IMARES) over

https://edepot.wur.nl/338434

Inschatting van de kwaliteit van toekomstige estuariene natuur in de Hedwigepolder. (IMARES)

https://www.zeeland.nl/sites/default/files/digitaalarchief/IB21_603178b2.pdf

Notitie opslibbing Hedwigepolder. (Deltares)

https://www.zeeland.nl/sites/default/files/docs/1_bijlage_9a_notitie_opslibbing_hedwigepolder.pdf

In het eerstgenoemde rapport komen de gevolgen van geperfluoreerde verbindingen (PFOS/PFAS en aanverwante stoffen) op de zeehondenpopulatie naar voren. Uit dit rapport blijkt dat genoemde stoffen duidelijk een negatief effect hebben op de gezondheid van deze populatie, wat aangeeft, aangezien zij aan de top van de voedselketen staan, dat deze verbindingen zich in veel, zo niet alle dierlijke Westerschelde bewoners bevinden.

Op blz. 21 is in tabel nr. 5 te zien dat reeds in 2007 en 2008 hier voor wat betreft PFOS bij bepaalde diersoorten naar is gekeken, waarbij opvalt dat bijvoorbeeld in de eieren van de visdief de concentratie 4,5 maal hoger is dan de op dat moment bekende effectgrens. Deze bevindingen zijn vervolgens in het rapport van Van den Heuvel/Greve en Zabel van 2010 neergeschreven. In de jaren hiervoor stond deze stof dus al op het netvlies bij onderzoekers. Overigens blijkt dit ook uit een opmerking op blz. 6 in het in 2010 verschenen rapport van IMARES waarin een inschatting werd gemaakt van de kwaliteit van de toekomstige natuur in de Hedwigepolder. Hier staat te lezen dat geperfluoreerde verbindingen buiten de scope van dit onderzoek vielen.

Hierdoor rijzen bij de Statenfractie van de PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ) de hierna volgende vragen.

 

Vragen

1. Hoe is het mogelijk dat een gerenommeerd instituut als IMARES, ondanks dat in 2010 reeds bekend was dat geperfluoreerde verbindingen voorkomen in de Westerschelde en dat deze negatieve effecten hebben op de natuur, dit niet meegenomen heeft in het onderzoek waar een positief advies uitrolde betreffende de te verwachten estuariene natuur in de Hedwigepolder?

2. Gaat uw College nog steeds uit van de bevindingen in het in 2010 gepubliceerde rapport, waarbij de effecten van geperfluoreerde verbindingen, ondanks dat hierover toen al kennis bij de onderzoekers was, niet meegenomen is in de scope van het onderzoek?

3. Bent u het met ons eens dat dit wel onderdeel uit had moeten maken van de scope van het onderzoek gezien de toen al bekende gegevens over deze stoffen?

4. Bent u het met ons eens dat gezien voornoemde feiten het verstandig zou zijn te informeren naar schadelijke stoffen in de Westerschelde welke bij onderzoekers reeds op het netvlies staan maar bij het publiek nog niet. Een proactieve houding om niet achteraf geconfronteerd te worden met nog meer giftige stoffen waar wij thans nog geen weet van hebben maar welke dan wel in de voedselketen (en de Hedwigepolder) terecht (zijn ge-)komen?

In uw brief d.d. 2-2-2022 schrijft u: “Er wordt een onderscheid gemaakt tussen het water, dat in- en uitstroomt, en de bodem die gevormd wordt door het zogenaamde zwevend stof in het water. Dit zwevend stof slaat neer en bepaalt daarmee de kwaliteit van de waterbodem, die op dat moment onderdeel is van het Westerscheldegebied en geen polder meer is. De gehaltes PFAS in het zwevend stof blijven binnen de zorgplichtbepaling uit de Waterwet en het Handelingskader.”

Deze focus op PFAS bevreemdt ons aangezien het scala aan geperfluoreerde stoffen breder is dan enkel PFAS. Temeer gezien deze opmerking op blz. 21 van het IMARES-rapport uit 2015 betreffende zeehonden in de Westerschelde: ,,Recentelijk heeft de Kaderrichtlijn Water (KRW) een norm (Environmental Quality Standard – EQS) voor PFOS in biota gesteld van 9.1 ng/g natgewicht. In verschillende biota uit de Westerschelde zoals zeepier, krab, vis (steenblok, zeebaars, haring, paling, tong en bot) en visdiefeieren wordt deze norm overschreden met een factor 1,5 - 50.”

Stapeling van schadelijke stoffen welke gezamenlijk een groter effect hebben dan de afzonderlijke stoffen is naar wij aannemen ook u niet onbekend.

Zoals in het IMARES rapport van 2010 alsook in de notitie van Deltares over opslibbing in de Hedwigepolder te lezen valt, is de verwachting dat gezien de locatie, de opslibbing in de Hedwigepolder snel zal verlopen. Mocht er achteraf toch meer aan de hand blijken te zijn, zal er dus al snel een behoorlijke hoeveelheid vervuild slib in de Hedwigepolder terecht zijn gekomen.

Naar aanleiding hiervan ook nog een aantal vragen:

5. U schrijft dat de gehaltes PFAS in het zwevend stof binnen de kaders blijven, ook bij neerslaan (opslibbing). Zou het opgeslibde gebied ook aan de norm voldoen als het door een andere manier van inrichten geen deel zou uitmaken van de Westerschelde maar nog als bijvoorbeeld wisselpolder zou fungeren?

6. Zijn er cijfers bekend over het totale gehalte aan geperfluoreerde verbindingen in de Westerschelde en in het zwevend stof?

7. Wat als achteraf uit monitoring of gewijzigde inzichten betreffende geperfluoreerde verbindingen blijkt dat de totale hoeveelheid in de nieuw te vormen schorren door opslibbing en die neerslaat op de waterbodem in de Hedwigepolder toch boven gestelde kaders blijkt te vallen? Worden deze dan afgegraven en afgevoerd naar het Rijksdepot in het Hollands Diep?

 

 

Hoogachtend,

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ),

H.G.A. (Bertie) Steur, Lid Statenfractie

Bijlage:

pdf Art. 44 vragen (PVZ) n.a.v. brief d.d. 02-02-2022 jl. aangaande 'Hedwigepolder (Natuurpakket Westerschelde, NPW) (107 KB)

Provinciale Staten van Zeeland, bijeen op donderdag 11 november 2021,

Constaterende dat:

  • Het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) concludeert dat de gestelde klimaatdoelen zonder de implementatie van kernenergie niet haalbaar zijn;

 

Overwegende dat:

  • De doorontwikkeling van nog veiligere en efficiëntere kerncentrales een must is;

  • De ontwikkeling van een alternatief in de vorm van een thoriumcentrale o.a. afhangt van financiering en beschikbare ontwikkellocaties;

  • Er in Zeeland een tekort is aan hoogwaardige werkgelegenheid;

 

Draagt het college op:

  • Om bij de Rijksoverheid, Zeeland aan te bieden als ontwikkellocatie;

 

En gaat over tot de orde van de dag,

 

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ)


François Babijn

H.G.A. Steur

E.A.A. van Hoecke

 

Bijlage:

pdf Motie Thoriumcentrale Statenvergadering 11 november 2021 (58 KB)

MOTIE ‘Inzetten op langer openhouden kerncentrale’

 

Provinciale Staten van Zeeland, bijeen op donderdag 11 november 2021,

  

Constaterende dat:

Het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) concludeert dat de gestelde klimaatdoelen zonder de implementatie van kernenergie niet haalbaar zijn;

 

Overwegende dat:

Een helder signaal richting Rijksoverheid o.i. nu aan de orde is;

 

Draagt het college op:

Om er bij de Rijksoverheid voor te pleiten om de kerncentrale in Borssele langer in gebruik te houden, indien dat veilig en verantwoord kan.

 

En gaat over tot de orde van de dag,

 

Statenfractie PARTIJ VOOR ZEELAND (PVZ)

François Babijn

H.G.A. Steur

E.A.A. van Hoecke

Bijlage:

pdf Partij voor Zeeland Motie langer openhouden kerncentrale Statenvergadering 11 november 2021 (60 KB)

Provincie Zeeland logo
osf logo
waterschap scheldetromen

Nieuwsbrief

Aanmelden of afmelden

Ontvang onze nieuwsbrief
Ik ga akkoord met Gebruiksvoorwaarden en de Privacy beleid
U ontvangt na uw inschrijving een mailbericht om uw inschrijving te bevestigen

Actueel

Partij voor Zeeland

Partij voor Zeeland

Contact

Bestuur

Lid worden